Alsof ze manisch was. Zo ging Beth Hart tekeer. Als ze praatte, struikelde ze over haar woorden, zo hyper was ze. Als de band los ging, dan kronkelde ze over het podium of schuurde ze tegen onschuldige mannen en vrouwen in het publiek aan. Als ze alleen achter de piano zat, dan zong ze zichzelf een weg dwars door alles heen bij je naar binnen.
Ze wás ook manisch, ooit. Of zal dat waarschijnlijk altijd blijven, eigenlijk. Maar ze heeft het onder controle gekregen. Haar bipolaire stoornis in combinatie met - of veroorzaakt door? - een getroebleerd gezin en foute mannen maakte dat zij zich als tiener en jongvolwassene verloor in zelfmutilatie, drugs, en vooral heel veel alcohol. Net op tijd wist ze op te staan.
Ze vertelde dat ze 16 maanden en 1 dag niets gebruikt had, “the longest I’ve been clean since I was 11 years old”. Er werd wat gelachen, maar het was dus helemaal geen grap. “It matters to me so much to really learn how to love”, zei ze daarna. Ze was op dat moment 32. Daarna zong ze Leave The Light On. Zo bizar mooi.
Deze vrouw wilde iedereen die daar op dat moment aanwezig was duidelijk maken dat er, zelfs als je dieper dan ooit in het dal zit, altijd een weg omhoog is. Dat heb ik allemaal achteraf bedacht natuurlijk. Op het moment zelf keek ik gewoon anderhalf uur lang met open mond naar een fascinerende vrouw die alle schaamte van zich af aan het gooien was.