De vaak met zichzelf worstelende Jacco de Greeuw zit er gelukkig lekker in, momenteel, en daarmee zijn band Johan ook. Een stilte van een jaar of vijf na elk album was niet ongebruikelijk, als ze er al niet helemaal mee stopten. Maar nadat vorig jaar The Great Vacation uitkwam, werd, al tijdens de bijbehorende clubtour, plotseling ‘Pop Music’ aangekondigd.
Een theatertournee “waarin de band het publiek meeneemt in de zoektocht naar het perfecte popliedje, want: hoe schrijf je dat?” Als er iemand vaak het talent is toegedicht om zo’n liedje te schrijven, dan is het De Greeuw wel, dus hij zou ons het antwoord moeten kunnen geven. Maar hij hielp ons al snel uit de droom. Het perfecte popliedje bestaat niet (al kwamen The Beatles akelig dicht in de buurt).
Het decor was mooi: een woonkamer, waarin op de muur steeds meer foto’s van inspiratiebronnen verschenen. Ze speelden bijna alles van The Soundtrack Of Our Lives, een EP met zes covers van obscure maar bijna perfecte popliedjes. Het diende allemaal als leidraad voor hun verhaal vanavond.
Een van die covers was In The Year 2525 van - wie kent ze niet - Zager And Evans. Als kind werd De Greeuw door dit bevreemdende nummer gegrepen, met zijn steeds wisselende toonsoort, vertelde hij. Zo praatte hij de avond op een natuurlijke en relaxte manier aan elkaar, terwijl hij doorgaans toch niet zo’n kletskous is. Maar ik zei het al: hij zit er lekker in.
Dan hun eigen nummers. Soms miste ik een voller geluid, met name bij Everybody Knows en Tumble And Fall, met hun normaal gesproken explosieve finales. Even lekker meeblèren was er niet bij. Maar de sprankelende melodieën en bepaalde subtiliteiten kwamen juist meer naar voren in het theater. Het was verfrissend om Johan eens zo te zien. In hun woonkamer.
Ze zijn echt niet te stoppen trouwens. Volgend jaar vieren ze 25 jaar Pergola, mijn lievelingsalbum, met integrale uitvoeringen ervan. Had ik al gezegd dat ze er lekker in zitten?