Dit was in een openluchttheater, dus het regende natuurlijk weer pijpestelen. Story of our year. Wie dat wilde mocht achter de band op het podium komen zitten, er werd veel heen en weer gelopen, en geklungeld met poncho’s. Het leidde allemaal wat af. Maar Glen Hansard had iedereen vanaf het begin natuurlijk weer bij de strot gepakt, zodat ‘dit buitje’ slechts bijzaak bleef.
Op zijn 13e stopte hij met school, om op straat muziek te maken. Van zijn mentor mocht het (“Jij gaat hiermee geld verdienen”). Vijf jaar later nam hij met wat andere straatmuzikanten wat demo’s op. Dat werden The Frames, een invloedrijke band in Dublin, en daarbuiten. Hij speelde in films, werkte daarin samen met Markéta Irglová (dat werd The Swell Season, komend jaar in Carré), toerde meermaals met Eddie Vedder, deelde het podium met helden Bob Dylan en Bruce Springsteen, en fungeert min of meer als ‘zanger des vaderlands’ voor de Ieren. Je zou bijna zijn vijf solo-albums vergeten. De mentor kreeg gelijk.
Zo puur als Glen zijn er maar weinigen. De straatmuzikant is nooit uit hem verdwenen. De toeschouwers zijn een wezenlijk onderdeel van de show. Nu zelfs tot het punt dat hij het aan de stok kreeg met een of andere kletskous in het publiek. Niets voor Glen eigenlijk, dus zij had het vast bont gemaakt. Ik was blij dat ik niet naast haar stond.
Het Nederlandse Red Limo String Quartet vergezelde de band voor de toegift. Eerst Song Of Good Hope, o zo mooi. De regen was gestopt, toepasselijk. Daarna Falling Slowly, en een zinderende uitvoering van This Gift. Na die euforie, tot slot nog Her Mercy, een gospel bijna: “Mercy, mercy, coming to you, feel her beauty flowing through you”. Het komt allemaal wel goed. Dat haalde ik er uit. Dat haal ik er ongeveer altijd uit als ik Glen heb gezien.