Daar waren in 1994 opeens vijf rebelse jongens uit Den Helder, met hun titelloze debuutalbum: Van Dik Hout. Een jaar later stonden ze al op het hoofdpodium van Pinkpop. Dat zegt iets over de baanbrekendheid van de plaat, waarop moeiteloos geschakeld wordt tussen boos (“Zeg nou niet dat ik je niet gewaarschuwd heb!”) en lief (“Alles is zoet en zacht en rond in leer en spijkerstof”). Het heeft een plekje veroverd in mijn eigen wall of fame van albums die veel voor mij betekend hebben.
Het 25-jarig jubileum van de band werd gevierd met vier keer een integrale uitvoering van Van Dik Hout. In hele kleine zaaltjes, echt terug naar hoe het begon dus. Dit was een must-go voor mij. Want naast Stil In Mij, Alles Of Niets en Meer Dan Een Ander wist ik dus dat ook Baksteen & Het Water, Roze Bloemen en Eén Geloof langs zouden komen, en dat de volgorde precies zo zou zijn als op het cassettebandje dat we continu draaiden tijdens het bollenrapen in de Beemster (op kant B stond overigens Rage Against The Machine, Pinkpop 1994).
Het concert: Merel uit het publiek mocht een stukje van Meer Dan Een Ander zingen. Dat was leuk, maar het haalde wel de flow uit de uitvoering van het album. Ik had zoveel meer gehoopt van de toegiften. Hier waren echt veel fans van het eerste uur, die iets verrassends (en iets dat rockte) van de opvolger Vier Weken zeer hadden gewaardeerd, in plaats van bijvoorbeeld Mijn Houten Hart, wat niet eens een Van Dik Hout-nummer is.
Maar verder heb ik niets te zeiken. Ontzettend genoten. Strak gespeeld, en met passie. Die passie droop nog het meeste af van Dichterbij, vroeg in de set dus. Niet alleen míjn persoonlijke favoriet, maar ook die van Martin zelf, en dat merkte je aan alles. De laatste twee minuten ervan waren het meest intense stukje muziek van het jaar.