De live-reputatie van Father John Misty steeg in 2015 tot grote hoogte. Er was eerder in het jaar een volgens de overlevering legendarisch optreden in de Tolhuistuin (de kleine Paradiso). Dát, en zijn album van dat jaar (I Love You, Honeybear) hadden me nieuwsgierig gemaakt. Nou, ik kwam niet van een koude kermis thuis, zeg maar. Hij was nog geen halve minuut bezig of hij zeeg al ineen, op zijn knieën. Nee, het grote gebaar ging vanavond niet geschuwd worden. Integendeel… Hij lag meer op de grond te kronkelen dan dat hij rechtop stond. Je werd er wel ingezogen zo, er was geen ontsnappen mogelijk.
Maar het was ook even wennen. Het kwam allemaal niet heel geloofwaardig over. Verder was de man deze avond ook niet bezig met een charmeoffensief, de interactie met het publiek leidde soms tot ongemakkelijke toestanden. Maar toen het me op een gegeven lukte om op een andere manier dan anders naar dit optreden te kijken - meer als een soort theatrale act - was ik om. Het waaierde alle kanten uit, waardoor het voortdurend spannend bleef. Zonder adempauze slingerde hij je heen-en-weer tussen allerlei emoties.
Tegen het eind van het concert kwam dat heen-en-weer geslinger tot een climax. Eerst aan de ene kant van het spectrum: The Ideal Husband, waarin hij woest en cynisch probeert te repareren wat hij kapot gemaakt heeft. Meteen daarna, eigenlijk dezelfde boodschap in I Went To The Store One Day, maar nu zo: “Say, do you wanna get married? And put an end to our endless, progressive tendency to scorn”. Even liet Father John alle poespas achterwege. Het publiek en hij hadden elkaar gevonden. Hij zong en wij waren stil.